Haagse scoutinggroepen krijgen geen parkeervergunning van gemeente

13 March 2026, 14:00 uur
Den Haag & Regio
mainImage
Scouting Den Haag
Foto ter illustratie.

Het voorstel van de PvdA in de Haagse gemeenteraad om ook parkeervergunningen beschikbaar te stellen aan scoutinggroepen, wordt niet overgenomen door het college van burgemeester en wethouders.

Fractievoorzitter Janneke Holman (foto onder) had in november aan het college gevraagd scoutinggroepen, net als sportverenigingen die zijn aangesloten bij een erkende sportbond, een parkeervergunning te geven, zodat hun vrijwilligers in de buurt van de vereniging kunnen parkeren zonder te hoeven betalen.

"Door de uitbreiding van betaald parkeren naar meer wijken krijgen ook scoutinggroepen steeds vaker te maken met parkeerkosten voor hun vrijwilligers", zei Holman. "Dat roept de vraag op waarom zij niet onder dezelfde regeling vallen als sportverenigingen. Net als sportclubs zijn scoutinggroepen vrijwilligersorganisaties en een plek waar kinderen en jongeren zich kunnen ontwikkelen, leren samenwerken en plezier maken."

Tekst gaat door onder foto.

Foto: Gemeente Den Haag.

Fiets en openbaar vervoer

Het college laat in reactie weten vooralsnog geen aanleiding te zien om de bestaande regelingen te verruimen. "Een uitbreiding van de doelgroepen, bijvoorbeeld naar scoutinggroepen, brengt het risico van precedentwerking met zich mee. Dit kan ertoe leiden dat ook andere verenigingen en organisaties aanspraak gaan maken op een vergelijkbare regeling, wat de uitvoerbaarheid bemoeilijkt en kan resulteren in extra parkeerdruk, met name in woonwijken waar de beschikbare ruimte beperkt is. Het uitgangspunt blijft dat bij bezoeken aan lokale verenigingen duurzame vervoerswijzen, zoals fietsen en het openbaar vervoer, zoveel mogelijk worden gestimuleerd."

Verder laat het college weten de huidige regeling voor sportverenigingen en religieuze instellingen nog eens goed tegen het licht te willen houden, omdat er signalen zijn dat bij sommige verenigingen het gebruik "mogelijk afwijkt van het oorspronkelijke doel" van de regeling. "Dit geeft aanleiding om nader onderzoek te doen naar het feitelijke gebruik en om het toezicht te intensiveren", aldus het college.